Hozenrubriek

De hozenrubriek is een beetje een vreemde eend in de bijt omdat deze rubriek niet beschikt over een vaste groep van waarnemers en veel waarnemingen van buiten de vereniging afkomstig zijn. Niet omdat het waarnemen van een hoos niet interessant zou zijn, maar vanwege het feit dat het waarnemen van een hoos vrij zeldzaam is, zeker wanneer je niet in de buurt van de Wadden of het IJsselmeer woonachtig of werkzaam bent. 
Daarnaast speurt de redactie zelf het ‘net’ af naar opgetreden hozen en probeert de waarnemers te achterhalen en zodoende aan te geven het hooswaarnemingsformulier alsnog in te vullen. Met het KNMI en Meteo Consult is afgesproken dat waarnemingen die daar binnen zijn gekomen naar ons toe worden doorgezet.
De rubriek is sinds 1999 actief en jaarlijks wordt een jaaroverzicht samengesteld waarin alle hozen worden opgenomen en ook op grafische wijze wordt getoond hoeveel hozen in welke maand zijn waargenomen. 

De bedoeling van de redactie is om met terugwerkende kracht vanaf 1998 een jaaroverzicht samen te stellen met opgetreden hozen, zodat over een steeds langere periode een archief van opgetreden hozen kan worden opgebouwd.

Sinds kort hebben we een samenwerkingsverband met ESWD (The European Severe Weather Database). Hierbij is het de bedoeling dat jaarlijks alle waargenomen hozen na verificatie opgenomen worden in de database van het ESWD. Ook eerdere waarnemingen vanaf 1999 zullen hierin opgenomen worden.
Naast de ons blad Weerspiegel wordt hier verslag gedaan van de meest recente hozen.

 

Voorkomen
Wind- en waterhozen komen vooral voor in augustus en september aan de kust en op de Wadden. Het beste tijdstip om ze waar te nemen is dan tussen 10.00 en 15.00 uur. Ze zijn uitsluitend zichtbaar onder wolken die flink de lucht in groeien. Dit zijn vaak Cumulus Congestus (grote stapelwolken) of Cumulonimbuswolken (aambeeldwolken/onweerswolken). De wind- en waterhozen hangen dus samen met onstabiel weer. Meestal is er in de bovenlucht flinke koude aanwezig en is de maximumtemperatuur aan het aardoppervalk dan zo'n 17 tot 20 graden.

Hozen hebben een voorkeur voor dagen met weinig wind. De wind komt meestal uit het zuidwesten tot noordwesten. Een enkele keer komen wind of waterhozen in de winter voor, maar de voorkeur is voor de nazomer en het begin van de herfst. Plaatsen in Friesland of Noord- en Zuid-Holland lopen het meeste risico dat een waterhoos aan land komt en schade veroorzaakt.

18-01-2013 | WS_Rubriek_Hozen | 72
© 2020 Vereniging voor Weerkunde en Klimatologie