Klimaat informatie over Afghanistan

Inleiding
Afghanistan is een ruig land. Zowel het landschap als het klimaat zijn hard. Droogte, hitte, koude en ook het bergachtige landschap zorgen voor lastige levensomstandigheden. Opvallend is dat de lente en de herfst niet voorkomen. De winter gaat in sommige streken in een paar uur over naar zomer. In de winter zijn temperaturen tot -20 graden mogelijk, zomers is +50 graden reëel.

 

Kaart van Afghanistan

Geografie

Afghanistan ligt van de zee verwijderd. Het ligt ingesloten door zes landen, waarvan Pakistan en Iran de belangrijksten zijn. Het land is 647.500 vierkante kilometer groot en is daarmee negentien keer zo groot als Nederland. In het land wonen bijna zevenentwintig miljoen mensen.

Afghanistan bestaat uit hooggebergte dat van het noordoosten naar het zuidwesten loopt. In het noordoosten heet dit hooggebergte Hindu Kush. Dit gebergte staat in verbinding met het Pamir-gebergte dat weer een uitloper is van de Himalaya.

Het hoogste punt van Afghanistan is de Noshaq die een hoogte van 7485 meter bereikt. Meer naar het zuidwesten is het gebergte lager. In de buurt van Iran splitst het hooggebergte zich in verschillende uitlopers.

Het grootste deel van het Afghaanse hooggebergte ligt op zo'n 3000 meter boven de zeespiegel. In het uiterste noorden van Afghanistan ligt een laagvlakte die een minimale hoogte heeft van 258 meter bij de rivier de Amu Darja. Over de grens in Turkmenistan is het landschap nog lager gelegen. Het zuiden van Afghanistan (Rigestan) is een woestijn. Het landschap sluit aan bij de woestijnen van Iran. De rivieren daar staan dikwijls droog.

Klimaat
Afghanistan heeft verschillende klimaten. Zo heerst in het zuiden een woestijnklimaat, in het hooggebergte een continentaal klimaat en in de overgangszone heerst een steppeklimaat. In het midden en noorden vinden we uitlopers terug van een mediterraan klimaat. De verdeling van de verschillende klimaten loopt chaotisch door het land. In de praktijk heersen er koele tot koude winters en hete zomers.

De laagste temperatuur ooit was -41,0 graden en werd gemeten in Okak. De hoogste temperatuur is rond de 50 graden in het zuiden gemeten. De regenval vertoont overeenkomsten met het Mediterrane klimaat. De neerslag valt tussen oktober en april. In de bergen is dit ongeveer 500 millimeter, voornamelijk in de vorm van sneeuw. In de woestijnen valt gemiddeld 50 millimeter.

Noordoostelijke bergen
In de bergen zijn de zomers zonnig en warm, de winters guur en is de meeste neerslag in het voorjaar te verwachten. Delen van de bergtoppen hebben te maken met eeuwige sneeuw. Daar heerst het hele jaar door een winterklimaat. In de bergsteden op lagere hoogtes is het zomers redelijk warm met etmaalgemiddelde temperaturen tot 23 graden. De hoofdstad Kabul ligt op 1791 meter boven de zeespiegel en heeft zomers een gemiddelde maximumtemperatuur van 32 graden.

In de winter is het er koud en daalt de temperatuur 's nachts tot gemiddeld -7 graden. Van november tot maart zijn grote delen van de bergen bedekt met sneeuw. Sneeuwstormen zijn dan gebruikelijk. De regio wordt ook gekenmerkt door zand- en stofstormen. Deze houden dagenlang aan en leggen het sociale leven lam. In Ghazni, dat iets zuidelijker ligt dan Kabul, kan de sneeuw drie maanden blijven liggen. De meeste neerslag is in het voorjaar te verwachten, maar de jaarsom van 313 millimeter duidt aan dat Kabul een van de drogere plaatsen op aarde is. Grote neerslagsommen zijn hier niet te verwachten.

Ook de relatieve vochtigheid is laag in de hoofdstad. Gemiddeld is deze in de ochtend 65 procent en 's middags 36 procent. In de zomer en herfst daalt deze tot onder de 24 procent. Meer naar het zuiden in Kandahar bereiken soms de moessonregens uit India het land. Veel stellen deze buien niet voor. Het gebied is droger dan Kabul.

Zuidwestelijke woestijn
In de lager gelegen gebieden aan de zuidwestelijke kant van het land zijn de zomers zonnig, droog en bijzonder heet. In Zaranj op 478 meter hoogte is het zomers gemiddeld 43 graden. Temperaturen van 50 graden zijn mogelijk en komen voor. Dit wordt vooral veroorzaakt door de hete, stoffige wind uit de woestijn van Iran. In de winter is het 's nachts gemiddeld 0 graden, maar temperaturen tot -20 zijn mogelijk. Dan valt ook neerslag, maar met een jaarsom van 51 millimeter blijft Zaranj een droge streek.

Het gebied kent van juni tot september hete winden. Deze noordwestelijke winden waaien tussen twee bergruggen in Iran door. Die bereiken een windsnelheid van 160 kilometer per uur. Het is een droge en stoffige wind. De wind staat bekend onder de naam "120-dagen wind" of Seistan, een naam die ook in het oosten van Iran wordt gebruikt. De wind wordt niet alleen veroorzaakt door de vorm van het landschap, maar ontstaat ook door de invloed van de zuidwestmoesson in Azië. In de winter komen ook sterke winden voor en de krachtigste wind die is gemeten, had een snelheid van 190 kilometer per uur.

Het zuidwesten van Afghanistan kent een sterk klimatologisch contrast. Lente en herfst komen hier niet voor en het is een kwestie van uren waarin wordt overgeschakeld van winter naar zomer. De zon schijnt uitgebreid in het zuiden van Afghanistan. Gemiddeld wordt 3400 uur zonneschijn opgetekend.

 

 

Weerlinks:

Het klimaat van Iran

Het klimaat van Pakistan

15-01-2013 | Klimaat_Azie | 45
© 2024 Vereniging voor Weerkunde en Klimatologie