Klimaat informatie over Tsjechië

Inleiding
Het klimaat van Tsjechië staat onder invloed van westelijke oceaanwinden. In het oosten wordt de invloed van het continent groter en krijgen oostelijke winden vooral in de winter de overhand.

Geografie
Tsjechië is een van de kleinere Europese landen. De oppervlakte bedraagt 78.864 km2, bijna twee keer zoveel als Nederland. Tsjechië is omgeven door middelhoge gebergten, die natuurlijke grenzen vormen. In het Noorden liggen de Sudeten/het Reuzengebergte (Poolse grens), in het Oosten de Witte Karpaten (Slowakeense grens) en in het Zuiden Tsjechieen Westen het Bohemerwoud en het Ertsgebergte (Duitse grens). De hoogste berg is de Snežka in het Reuzengebergte met een hoogte van 1602 meter.

Tsjechië ligt midden in Europa en de zee is minimaal 300 kilometer ver. Het westen van Tsjechië heet Bohemen en het oosten Moravië. Het landschap is heuvelachtig en voor éénderde begroeid met bos. Op veel plaatsen is sprake van vulkanische activiteit die zichtbaar is in de vorm van warmwaterbronnen.

In het Brdy Woud ligt een bergtop van 860 meter hoogte. Elders in het binnenland is het landschap lager en vooral in de riviervalleien is dit het geval. Het laagste punt is te vinden bij de Labe (Elbe) die op 115 meter boven zeeniveau het land verlaat.

 

Klimaat
Ondanks de grote afstand tot zee heeft Tsjechië net als elders in West-Europa een vochtig gematigd klimaat. Het gematigde klimaat gaat wel in dit deel van Europa langzaam over in een landklimaat, zoals in Slowakije het geval is. Boven de 500 meter hoogte is ook plaatselijk sprake van een landklimaat. Dit is bijvoorbeeld in het midden van het land het geval bij de Boheems-Moravische Hoogten. Op de top van de Snežka heerst een bergklimaat. Veel steden in Tsjechië liggen beschut in een rivierdal, waardoor het klimaat milder is dan de omgeving.

Temperatuur
Afhankelijk van de hoogte is het gemiddeld zo'n 7 tot 9 graden. In de hogere delen van de bergketens ligt de gemiddelde jaartemperatuur op 2 graden en het koudst is het op de top van de Snežka met +0,4 graden. De warme gebieden van Tsjechië zijn te vinden in de lagere delen rond de Labe, de Morava en het gebied ten zuiden van Brno. In deze laatste streek is het gemiddeld 9,5 graden. Door het stadseffect is de allerhoogste gemiddelde temperatuur (+10,1 graden) in de stad Praag te vinden.

Zomer
In juli is het rond de Labe en ten zuiden van Brno met gemiddeld 25 graden overdag het warmst. Zodra het landschap stijgt is het al sneller 5 tot 7 graden koeler. Denk daarbij aan het Brdy-woud, de Boheems-Moravische Hoogten en Jeseniky (onderdeel van de Sudeten). De allerhoogste temperatuur ooit werd gemeten in Napajedla (in de vallei van de Morava). Hier werd het 41,8 graden. Praag heeft een allerhoogste temperatuur van 38 graden. De warmte blijft zomers niet hangen. In de nacht koelt het af tot gemiddeld 12 graden.

Winter

In de winter vriest het 's nachts gemiddeld -5 tot -6 graden. Overdag is het rond het vriespunt. Ook hier geldt hoe hoger, des te kouder. In de grotere steden zijn in de afgelopen dertig jaar temperaturen voorgekomen die rond de -25 graden liggen. Maar dit zijn uitzonderingen. De allerlaagste temperatuur in Tsjechië werd gemeten in Litvinovice. Hier in het Zuiden daalde de temperatuur tot -42,2 graden.

Tsjechië kent een redelijk aantal ijsdagen. In een groot deel van het land blijft de temperatuur in het winterhalfjaar op zo'n 30 dagen overdag onder het vriespunt. In de hogere delen is dit al snel op zo'n 50 dagen en op de hoogste toppen op meer dan 100 dagen per jaar. De koudste plaatsen zijn te vinden op de toppen van het Ertsgebergte, de Sudeten en het gebied rond Svitavy. Het Zuidoosten en de vallei van de Labe kent het minst aantal ijsdagen.

Neerslag
TsjechieGemiddeld over het land valt 700 millimeter neerslag. Maar dit gemiddelde zegt niet zoveel, omdat plaatselijk de hoeveelheden nogal verschillen. Globaal genomen valt de meeste neerslag in de bergen aan de rand van Tsjechië. Het natste gebied is zonder uitzondering de Sudeten met rond de Snežka jaarlijks 1400 millimeter neerslag en vlakbij op de Bily Potok 1767 millimeter. Een tweede nat gebied is het uiterste oosten in de Witte Karpaten met rond de 1500 millimeter gemiddeld per jaar.

De omgeving van Zatec ten westen van Praag is met jaarlijks 441 millimeter neerslag een van de droogste gebieden. Dit gebied ligt in de regenschaduw van het Ertsgebergte. Ook Praag ligt in deze regenschaduw. De omgeving van Brno is eveneens droog.

De meeste neerslag valt in de zomer. In de Sudeten valt dan maandelijks bijna 200 millimeter per maand, zoals op de 1323 meter hoge Lysá hora.s

Sneeuw
In de lagere delen van Tsjechië valt op minder dan 45 dagen per jaar sneeuw. Boven de 700 meter sneeuwt het op meer dan 100 dagen per jaar. In vrijwel het gehele land is in de winter de bodem op zo'n 20 dagen per jaar bedekt met een sneeuwlaag van 10 centimeter of meer. In de Bohemen en in de Sudeten ligt er op 120 dagen per jaar een sneeuwdek van 10 centimeter of meer. Op de top van de Snežka ligt dit sneeuwdek er op gemiddeld 219 dagen per jaar.
Het eerste sneeuwdek van het seizoen blijft op de hoogste bergtoppen gemiddeld vanaf 21 oktober liggen. In de lagere delen van het land ontstaat gemiddeld op 1 december het eerste sneeuwdek.

Onweer
Onweer komt voor op zo'n 20 tot 25 dagen per jaar. In het noordwesten rond het Ertsgebergte onweert het op zo'n 25 tot 30 dagen per jaar, evenals in de Bohemen. Aan de Duitse kant van de Bohemen onweert het zelfs nog meer. De meeste onweersbuien komen voor in de zomer.

Zonneschijn
Gemiddeld per jaar schijnt de zon zo'n 1500 uur. Dit aantal is vergelijkbaar met het aantal uren zonneschijn in Nederland. In het algemeen neemt de zonneschijn toe van noordwest naar zuidoost. Zo schijnt in het warme Zuiden bij Brno de zon circa 1800 uur per jaar. In het Ertsgebergte is de zon het meest afwezig. Hier schijnt ze slechts 1331 uur per jaar.

Het Noordwesten kent ook zo'n 31 tot 36 heldere dagen. In het Zuiden in de omgeving van Znojmo zijn dat er 71.
Mist komt het meest voor in Moravië. Op de top van Praded (1490 meter) is het 269 dagen per jaar mistig. Ook de Klinovec (1244 meter) in het Westen en de Witte Karpaten in het Oosten zijn mistige gebieden met circa 200 mistdagen per jaar. In de lagere delen van het land is het op zo'n 30 tot 50 dagen per jaar mistig.

Wind

De wind waait doorgaans uit het westen en in Moravië 's winters ook uit het oosten. Doordat Tsjechië ver van zee ligt en beschutting kent van heuvels en bergen, valt het enorm mee met de windkracht. De winderigste plaatsen zijn uiteraard op de grotere hoogtes te vinden en bij de Boheems-Moravische Hoogten.


Weerlinks:
Het klimaat van Duitsland
Het klimaat van Oostenrijk
Het klimaat van Polen

03-02-2013 | Klimaat_Europa | 177
© 2021 Vereniging voor Weerkunde en Klimatologie