Maandoverzicht november 2014

November 2014 was droog, zonnig en zeer zacht. Ell 22,0º op de 1ste, een nieuw landelijk novemberrecord.
Het zachte weer dat de eerste twee herfstmaanden (en ook het jaar) kenmerkte, zette zich in november voort. De slachtmaand startte zelfs extreem zacht met in de oostelijke helft van het land nieuwe novemberrecords. De zachte lucht was in de eerste maandhelft het gevolg van een zuidelijke stroming.

Later in de maand had de stroming vaak een oostcomponent (persistent hoog boven Rusland), maar ook toen bleef het meest zacht. Alleen de laatste twee dagen van de maand waren duidelijk te koud. Oceaanfronten kregen slechts af en toe kans om tot onze omgeving door te dringen en op veel plaatsen verliep de maand dan ook droger dan normaal, was het vaak rustig weer en kwam het nergens tot storm. Ook liet de zon zich vaker dan gemiddeld zien. Als gevolg hiervan was het gemiddeld weercijfer van 6,6 aanzienlijk boven het langjarig gemiddelde. Drie jaar geleden werd het weer van de destijds zonnige en extreem droge november nog iets hoger gewaardeerd (6,7).

Temperatuur en weersverloop
Na de zeer warme september en oktober behoorde ook de slacht¬maand bij de warmste tien in z’n soort. Van de afgelopen twaalf maanden (december 2013 t/m november 2014) eindigden er maar liefst negen in de top-10. Alleen het tijdvak van juli 2006 t/m juni 2007 kende nog meer van die maanden (10).
De maandgemiddelden van november waren op veel stations ca. 1,5º boven normaal; langs de (noord)westkust was de afwijking iets kleiner (ca. 1 graad), in het uiterste oosten wat groter: ca. +2 graden.
De gemiddelden liepen uiteen van 7,5ºC te Eelde (normaal 6,0) en Nieuw-Beerta tot 9,7ºC in Vlissingen (8,1), resp. van 7,1ºC te Winsum/Vt tot 9,0ºC te Brielle/VT.
Op vier van de vijf KNMI-hoofdstations schaarde de slachtmaand zich bij de tien warmste in ruim een eeuw. Alleen in De Kooy was dat niet het geval.
Gemiddelde temperatuur KNMI november 2014
Figuur 1. Gemiddelde temperatuur op de KNMI-stations in november 2014.

Thermisch gemiddelde
Tabel 1. Thermische gemiddelden van november in De Bilt en landelijk gemiddeld (5 hoofdstations KNMI).


Etmaal gemiddelden in november 2014
Figuur 2. Dagelijkse minimum-, gemiddelde- en maximumtemperatuur in De Bilt, alsook het grasminimum en de normaalwaarde voor het etmaalgemiddelde.

Maandverloop
Van start met warmterecords.
De slachtmaand begon bijzonder zacht. Op zaterdag de 1ste werden op veel stations in het oosten van het land recordhoge temperaturen bereikt.
Op de extreem zachte 1ste werd het bij veel zon en vrij weinig wind op veel plaatsen 17 tot 22 graden. De hoogste waarde werd gemeten in Ell: 22,0ºC, een waarde die goed was voor een nieuw landelijk novemberrecord. Ook in Beek (21,4) werd het warmer dan eerder in november was gemeten (21,1 in Beek en Oost-Maarland op 4-11-1994). Op veel stations in met name de oostelijke helft van het land werden stations¬records geboekt. Zie tabel 2. Alleen langs de Friese IJsselmeerkust en op de Wadden bleef de temperatuur flink achter (ca. 15 graden).
Na deze uitzonderlijke warmte was het op zondag de 2de nog altijd fraai herfstweer met veel zon. De maxima waren met ca. 17 graden niet meer zo hoog, maar nog altijd wel een graad of 5 boven normaal.

Extremen en gemidelden
Figuur 3. Extremen en gemiddelden van etmaalmaxima en –minima op 33 KNMI-stations.

Analyse zaterdag 1 november 2014
Figuur 4. Analyse van 1-11-2014, 00 UTC.

Tussen een IJslandlaag en hogedruk boven Centraal-Europa staat boven ons land een ZZW-stroming. Deze voert, aan de voorzijde van een zwak koufront, zeer zachte lucht aan. Op 500 meter is het 20 graden en op 850 hPa is het 14 graden (op 4-11-1994 was dat ca. 13 graden). De weersystemen bewegen oostwaarts: de hogedruk trekt richting Oekraïne, genoemd koufront passeert van de 1ste op de 2de en de fronten van de randstoring die nu nog ruim west van Ierland ligt, trekken vanaf de 2de op de 3de over ons land.
De dagen hierna ging de sterk meanderende westcirculatie over in een meridionaal patroon door een trog boven de Britse Eilanden naar het zuiden. Tegenhanger was een persistent hoog boven Rusland. Zowel op hoogte als aan de grond hield de stroming een zuidcomponent.

Tabel 2. ↓ Maxima van 1 november, vergeleken met de hoogste novembertemperaturen in het verleden. De Bilt en Den Helder/De Kooy vanaf 1901, Winterswijk/ Hupsel vanaf 1906, Vlissingen vanaf 1923, Beek en Eelde vanaf 1946, Leeuwarden, Schiphol, Twenthe, Gilze-Rijen, Volkel en Eindhoven vanaf 1951 en Rotterdam vanaf 1956.

Etmaal maximumaEtmaalmaximum november
Verder waren er de eerste twee dagen ook erg hoge minima. Op de 1ste hadden Vlissingen en Wijk aan Zee een minimum van 13,8ºC, op de 2de werd het te Twenthe niet kouder dan 13,6ºC. Hier en daar sneuvelden stationsrecords, maar het landelijk record bleef overeind (14,3ºC /Wijk aan Zee en Woensdrecht /3-11-2005).
Iets dergelijks gold voor de etmaalgemiddelden: nu maximaal 15,9º te Woens¬drecht op de 1ste, tegen 16,3 in datzelfde Woensdrecht op 3-11-2005 en 16,5ºC in Beek op 1-11-1968.
In de dagen hierna werd het eerst flink nat aan de noordwestkust (3de en 4de), met op de 3de een krachtige tot harde wind aan de kust. Daarna werd het juist rustig weer met op de 5de en 6de in de nacht en ochtend op veel plaatsen mist, in de middag regionaal zon. Maar wel bij  temperaturen iets beneden normaal. De middagtemperaturen lagen toen op 8-11 graden en in opklaringsgebieden waren er minima tot ca. 2 graden. Vanaf de 7de kwam ons land onder invloed van een volgend oceanisch laag. De aanvoer bleef zuidelijk en de temperatuur ging weer geleidelijk omhoog naar waarden iets boven normaal, met vooral zachte nachten (vanaf de 8ste). Nadat de wind op de 7de flink was toegenomen (hard aan zee) en het zuidwesten neerslag van betekenis had gekregen, was het weer in het tweede weekeinde (8/9) weer fraai te noemen: droog, flink wat zon, maxima van 11 tot 14 graden, minima tussen 6 en 10º. In de werkweek die volgde was er ook op de 10de, 11de en 13de geregeld tot veel zon (in zuidoosten op Sint Maarten bewolkt met wat regen, op de 13de in het uiterste noordoosten langdurig mist). Ook vielen soms kleine hoeveelheden neerslag (van 9de op 10de, in de loop van de 11de en 12de). In de loop van de 14de ging meer regen vallen. De middagtemperatuur bleef op eenzelfde vrij hoog niveau, maar in de heldere nachten van de 11de en 13de koelde het wel sterker af (Hoogeveen 2,6/11de en Woensdrecht 0,8/13de). Aan het einde van de week was de stroming zuidoostelijk geworden door een blokkade boven het noordoosten van Europa.
Door de toenemende cyclonale invloed was het van de 14de tot 16de nat. Op de 14de en 15de viel de frontale regen vooral in de zuidwestelijke helft van het land, op zondag de 16de lag de nadruk op het noord(oost)en. Daarbij werd het in het weekend van de 15de/16de overdag 9 tot 11 graden; rond normale waarden. De nachten bleven nog altijd zacht (op veel plaatsen minima rond 8º).

Analyse 13 november 2014
Figuur 5. Analyse van 13-11-2014, 00 UTC. Een gordel van hogedruk reikt van Groenland, via Lapland tot ver in Rusland. Tegenhanger is een diep laag (957 hPa) boven het midden van de Oceaan. Tussen beide grootmachten bevindt ons land zich in een neutraal gebied. Achter een zwakke occlusie wordt de 13de een heel rustige dag met veel zon (mist in uiterste noordoosten).
In de dagen hierna trekt het oceanisch (hoogte)laag opvullend naar de Kanaalregio en vervolgens via onze omgeving (15-18) naar Midden-Europa.

Oostelijke stroming, maar geen kou
In de derde werkweek (17-21) was de stroming (zuid)oostelijk.
Door de hogedruk was het de gehele week vrijwel droog (regionaal wat motregen op 17de en 18de). Na een vrij zachte 17de ging de temperatuur wel enkele graden omlaag, maar echt koud werd het niet. De middagtemperatuur lag eerst (18-20) rond een normale waarde van ca. 9 graden en in een groot deel van het land koelde het in de nacht, onder hardnekkige lage bewolking, maar weinig af. Geleidelijk werd de lucht echter droger en nadat het noord(oost) en op de 19de en 20ste al wat zon had gehad, klaarde het in de nacht van de 21ste ook elders op. In het noordoosten kwam het tot vorst, met de -2,0ºC van Leeuwarden en de -1,5ºC van Winsum/VT als laagste minima. Ook Beek had een nipte vorstdag (-0,2), maar het overgrote deel van het land bleef nog altijd vorstvrij. De eerste landelijke vorstdag was daarmee erg laat. Alleen in 2000 was er een nog latere datum: toen kwam het pas in de avond van de 16de december voor het eerst tot vorst.  
De middagtemperatuur (21ste) was, on¬danks de volop schijnende zon, 'slechts' 7 à 9 graden; een normale waarde.
Analyse 19 november 2014
Figuur 6. Analyse van 19-11-2014, 06 UTC. Een omvangrijk hoog heeft z’n centrum boven Rusland, en een sterke uitloper boven Scandinavië. In combinatie met een hoogterug boven westelijk Europa vormt dit systeem een blokkade voor oceaande¬pressies. Het grondlaag houdt in ons land een oostelijke stroming in stand.

Zeer zachte 23ste
Het geregeld zonnige weekeinde van de 22ste/23ste verliep weer een stuk zachter. Achter een warmtefront werd de stroming zuidelijk. Op de 22ste werd het in een groot deel van het land al 10 tot 15 graden en op de zondag kwamen daar nog een paar graden bij: 10 of 11 graden op de Wadden, 12 tot 15 graden in een groot deel van het land en zelfs 16,5ºC te Beek. Dat juist het hooggelegen Beek er uit sprong had o.a. te maken met de zeer warme bovenlucht (tijdelijk +12º op 850 hPa).
Hoge temperaturen voor de laatste novemberdecade, maar niet extreem. Op 26-11-2006 lagen de maxima nog 2 of 3 graden hoger (tot 18,9ºC te Beek).

Grijs en vrij koud slot
In de laatste week van de maand ging de temperatuur weer omlaag. Nadat een front van de 23ste op de 24ste de zeer zachte lucht had verdreven, werd het op de zon¬nige 24ste in de middag nog 10 tot 12 graden, maar in de heldere en vrijwel windstille nacht die volgde kwam het in het oosten en zuiden van het land tot lichte stralingsvorst. Woensdrecht had -3,5ºC, de laagste landelijke waarde van de maand. Verder -2,2ºC in Volkel (-4,9 op 10 cm).
Analyse 25 november 2014
Figuur 7. Analyse van 25-11-2014, 00 UTC. Achter een front is polaire lucht het land ingestroomd. Een uitloper van het Azorenhoog heeft zich uitgebreid naar het continent en maakt verbinding met het hoog dat al wekenlang boven Rusland ligt. De rugas trekt over ons land noordwaarts. De komende dagen wordt de stroming daardoor weer (zuid)oostelijk. In het laatste weekeinde wordt die oostelijke stroming versterkt doordat zich nabij het Iberisch schiereiland een (hoogte)laag afsnoert.

Tabel.3 ↓ Temperatuurextremen. Landelijk hoogste en laagste waarde van de etmaalmaxima, -minima en -gemiddelden op basis van 34 KNMI-stations; etmaal 0-24 UTC en de VWK/BT- en –VT-stations (18-18 UTC).

Temperatuur extremenNa deze koude nacht was de 25ste nog een fraaie herfstdag met vrij veel zon en 8 à 10 graden maximaal. Daarna hadden we op de 26ste en 27ste te maken met zwakke fronten. De neerslag stelde weinig voor, maar het was wel overwegend bewolkt. In het noordoosten werd het nog maar een graad of 6. Het zuidwesten was met ca. 10 graden aanzienlijk zachter. In de nachten was het slechts een paar graden kouder. Dit meest bewolkte weer (op de 29ste in het zuidwesten wel zonnig) met een geringe dagelijkse gang was ook het beeld voor de rest van de maand. Wel ging de temperatuur verder omlaag en nam de naar oost gedraaide wind toe waardoor het ineens licht winters aanvoelde. Een hele verandering. Dit alles door een vrij koude grondlaag met hardnekkige stratus onder een scherpe inversie.
In het slotweekeinde van de 29ste en 30ste ging de daling door: op de slotdag werd het in het noordoosten nog maar 1 à 2 graden. Nieuw-Beerta (1,2) en Roodeschool/VT (1,0) hadden de laagste landelijke waarden van de maand. Het zuidwesten haalde op de vrij zonnige 29ste nog 7 à 8 graden, op de bewolkte slotdag was het er 4 à 5 graden. De minima bleven ook in het noordoosten, door bewolking en wind, nog net in de plus.
In de middag van de 30ste trok een gebied met buiige regen en lokaal onweer en/of hagel over de westelijke helft van het land.

Warme dagen, (grond)vorstdagen
In zuidoostelijk Brabant en in Limburg was de 1ste een warme dag. Niet alledaags, maar zeker niet uitzonderlijk; in 1994 had Oost-Maarland 3 warme dagen.
Alleen op de 21ste (noordoosten) en van de 24ste op de 25ste (zuiden en oosten; hier en daar twee vorstdagen voor het etmaal 0-24 UTC) kwam het tot lichte stralingsvorst en met 0 tot 2 vorstdagen per station bleef het aantal dagen overal ruim beneden normaal (1 tot 7).

Neerslag
Ook de derde herfstmaand was droger dan normaal. Landelijk gemiddeld viel 47 mm (KNMI-neerslagstations; normaal is 82 mm), resp. 44 mm (VWK). Alleen op de westelijke Wadden kwam de maandsom rond normaal (daar ca. 90 mm) uit, elders was er een (flink) tekort. Daar viel veelal 40-50 mm, in sommige regio’s in het oosten van het land nog wat minder.
Maandsommen neerslagmetigen
Figuur 8. Landelijke verdeling maandsom neerslag november 2014.

Droogste en natste VWK stations

 

 

Droogste en natste KNMI stations
 Tabel.4 Droogste en natste VWK-stations en KNMI-neerslagstations, november 2014.


Maandverloop
Natte dagen waren de 3de en de 14de-16de.
De warmte van de 1ste en 2de werd op de 3de met flink wat regen 'afgestraft'. De noordwestkust kreeg het meest: 28 mm te Wijk aan Zee (3de; 0-24 UTC), een dagsom van 31 mm in Den Burg en 32 mm te Vlieland in de ochtend van de 4de. Callantsoog had 37 mm over de ochtendaftappingen van de 3de en 4de samen, in Den Burg was dat 39 mm en op Vlieland 42 mm.
Vanaf de  middag van de 14de werd het een etmaal lang in het zuidwesten erg nat: ca. 20 mm of meer, 27 mm in Stavenisse /ochtend 15de en verder 43 mm in Anna Jacobapolder op de 15de-17de tezamen. Op zondag de 16de regende het lang en veel in andere delen van het land (Bergen 28 mm/ochtend van de 17de).
In de rest van de maand viel er af en toe nog wat regen, maar op veel plaatsen waren de dagsommen gering. Alleen bij het verdrijven van de zeer zachte lucht van de 23ste viel op een deel van de Wadden ruim 10 mm, de fronten van de 26ste en 27ste lieten hier en daar ca. 5 mm na en op de slotdag kwam in een smalle strook van Haarlem naar Tilburg lokaal meer dan 10 mm omlaag (14 mm in Overveen en 15 te Nieuwendijk). Maar dat laatste gebeurde toen de maand voor de neerslagstations al was afgesloten.
Dagsommen KNMI stations
Figuur 9 Dagsommen neerslag op 32 automatische KNMI-stations.

Neerslagduur
Ook de neerslagduur was ruimschoots beneden normaal. Het landelijk gemiddelde bedroeg 49 uur (KNMI; normaal is 73 uur). De duur liep uiteen van 35 uur te Nieuw-Beerta tot 61 uur in Hoek van Holland. De 16de was de dag met de langste duur: in het midden en noorden van het land regende het meer dan 15 uur (tot 19 uur in Hoogeveen).
Neerslagduur KNMI stations
Figuur10. Dagelijkse neerslagduur op de 32 KNMI-stations.

Onweer, hagel en sneeuw
Onweer kwam weinig voor. Slechts 4 landelijke onweersdagen (normaal 6) en geen wijdverbreid onweer. Veel stations bleven dan ook onweersloos. Ook hagel kwam weinig voor. In Roodeschool werd op de slotdag wat motsneeuw waargenomen, de eerste sneeuw van het seizoen.

Zon en globale straling
Gemiddeld over het land waren er 87 (KNMI/5 hoofdstations), resp. 83 (VWK), zonuren tegen een gemiddelde van 67, resp. 64 uur over de referentieperiode 1993-2013. In die periode was het landelijk gemiddeld alleen zonniger in 2011 (95, resp. 90 uur), terwijl in 1998 het aantal zonuren vergelijkbaar was (87, resp. 85 uur). Verder teruggaande zijn er meerdere belangrijk zonniger novembermaanden geweest, met als laatste die van 1989. De landelijke verdeling was vrij gelijkmatig: op veel KNMI-stations werd 80 à 90 uur berekend; aan de NW-kust was dat hier en daar wat minder, in het zuid(oost)en veelal iets meer.
Zonneschijnduur november 2014
Figuur 11. Landelijke verdeling zonneschijnduur november 2014.

Maandverloop
Op de eerste twee dagen, van de 8ste-13de en van de 21ste-25ste was er op de meeste dagen veel zon. Rond het midden van de maand was er een week lang veel bewolking (14-20) en de sombere periode aan het einde van de maand werd de eerste dagen van december gecontinueerd.

Zonloze en zeer zonnige dagen
Het aantal zonloze en sombere dagen was rond of iets beneden normaal. Veel stations telden meer zeer zonnige dagen dan de normale 2 (6 in Rotterdam en Beek).
Zonneschijn percentage
Figuur 12. Dagelijks zonneschijnpercentage, november 2014

Globale straling
Ook de maandsom globale straling was in het hele land aanzienlijk boven normaal, maar niet extreem hoog.
Ook waren er geen bijzondere dagwaarden.

VWK gemiddelde windrichtingWind
Ook de derde herfstmaand was rustiger dan normaal.  De gemiddelde windsnelheid kwam, landelijk gemiddeld, uit op 4,2 m/s, tegen 5,1 normaal.
Storm kwam niet voor, een stormachtige wind evenmin en alleen op enkele kuststations werd een uurgemiddelde van 7 Beaufort gehaald. Het ontbreken van een stormachtige wind in de slachtmaand kwam voor het laatst voor in 2002. De zwaarste windstoot bedroeg 22 m/s te IJmuiden/avond 2de.
De wind kwam de eerste twee weken uit Z tot ZO, vanaf de 18de enkele dagen uit O-NO en in de laatste fase van de maand (25-30) uit ZO-O. De windroos is dan ook eenzijdig. De richtingen ZO en O kwamen veel vaker voor dan normaal, terwijl er een groot tekort was aan de richtingen ZW tot N. In 2011 had de windroos een vergelijkbaar beeld.



Figuur 13. Windroos op basis van het VWK-gemiddelde.

Luchtdruk
Doordat de barometer tot na het midden van de maand beneden normaal stond, kwam het maandgemiddelde (1010,2 hPa; 5 hoofdstations) overal ruim beneden normaal (1014,1) uit.
Van de 2de tot de 18de was de luchtdruk aanhoudend beneden normaal, daarna (19-25) een week lang daarboven. Bijzondere dagwaarden ontbraken. De hoogste landelijke waarde bedroeg 1028,6 hPa te Eelde op de 20ste, de laagste was 988,5 hPa te Vlieland in de late avond van de 3de.

Afwijking gemiddelde luchtdruk
Figuur 14. Afwijking van de gemiddelde luchtdruk t.o.v. de normaal 1981-2010. Ten zuidwesten van Ierland was de gemiddelde luchtdruk ver beneden normaal, terwijl het persistente hoog boven Rusland/Scandinavië leidde tot  een ver boven normale druk.

Verloop luchtdruk
Figuur 15. Verloop van de luchtdruk op de vijf KNMI-hoofdstations.
Data en rasterlijnen markeren het begin van het etmaal (0-24 UTC).


Overzicht van de waarnemingen gedaan door de VWK leden

Maandoverzicht november 2014 Maandoverzicht november 2014





Auteurs:
VWK-tabel: Jos Neelen
Maandgrafieken: Björn Kummeling
Tekst: Ad Vermaas


VWKweb-1392






08-01-2015 | WS_Rubriek_Klimatolo | 1392
© 2020 Vereniging voor Weerkunde en Klimatologie